Mooi eerbetoon aan
Bobby Fischer
Het
jongste nummer van het magazine New in Chess is
voor de helft gewijd aan Bobby Fischer. Een mooi
eerbetoon, waarbij de schrijvers veel hebben toegevoegd aan de talloze mooie
boeken die er al over Fischer bestaan. Eind van de wereld
Het blad
opent met een prachtige foto (over twee pagina’s) van Fischer
die (op de rug gezien) op IJsland een pad afloopt langs een rotsgebergte. Hij
is gewoon op weg naar een toeristische trekpleister, maar de suggestie van de
foto is anders. In de verte zie je wazige gebergten en – het is tenslotte IJsland – daar is uiteraard het einde van de
wereld. ‘A lone king wandered off’,
staat erboven. Zou Fischer werkelijk in het
ziekenhuis zijn overleden, of zou hij de wereld zijn uitgelopen? ‘Old soldiers never die, they
just fade away.’ Een foto
om eindeloos naar te kijken en over te mijmeren. Geschiedschrijving
Dirk Jan
ten Geuzendam ging naar Reykjavik en sprak met de mensen die Fischer naar IJsland haalden. Hij kwam erachter hoe Fischer de laatste jaren leefde, maar ook vertelden
mensen hem hoe Fischer met hen herinneringen
ophaalde aan zijn leven en schaakcarričre. Als Ten Geuzendam interessante
dingen hoort, heeft hij niet de gewoonte die kernachtig samen te vatten. Zijn
artikel van 22 pagina’s vind ik meer een hoofdstuk voor een boek dan een
artikel voor een tijdschrift. Maar hij heeft wel een stukje
geschiedschrijving afgeleverd, ik ken boeken over de Fischer
na 1972 waarin minder nieuws staat dan in het artikel van Ten Geuzendam. Subtiele partijen
Over die
lengte zou ik niet zijn begonnen, als ik het artikel van Jan Timman (zes pagina’s) niet wat aan de korte kant had
gevonden. Had Ten Geuzendam niet wat pagina’s aan zijn collega-hoofdredacteur
kunnen overdragen? Timman vertelt over zijn tienerjaren
(jaren zestig) waarin hij gretig alles opzocht wat hij over Fischer kon vinden. Internet en databanken bestonden toen
nog niet, nieuwe partijen waren soms echte verrassingen. Hij laat een paar
partijen zien waarin het niet ‘van dik hout zaagt men planken’ gaat, dus niet
de partijen die in alle boekjes staan, maar het subtielere werk. Fischer in zijn element betekent volgens Timman: “Een moeilijke strategische strijd met veel
manoeuvres die hij in de tijdnoodfase in zijn voordeel weet om te buigen.” Timman vertelt ook over zijn enige ontmoeting met Fischer, in 1990 samen met Bessel
Kok in Brussel. Hij gaat de discussie over Fischers
antisemitische opvattingen niet uit de weg, maar legt uiteindelijk natuurlijk
toch een schaakbord op tafel en komt er dan achter dat Fischer
– van wie niemand wist waar hij zich in die tijd mee bezighield – enkele
analyses van Kasparov had weerlegd. 60 momenten Jonathan
Rowson, de vaste boekbespreker van New in Chess, zorgt voor de lichte kost in deze special. De
titel ‘My Sixty Memorable Fischer-Related Moments’ zet gelijk de toon. Rowson
is na 1972 geboren en kent Fischer dus alleen uit
de boeken, waarna hij hem ook leerde kennen van de merkwaardige match in 1992
en de dubieuze radio-interviews. Moment 49: “I watch a video about Fischer on You
Tube where Nigel Short says: ‘Fischer is like Zeus, he is the God of the
gods.’ Nice line, I thought, I’ll have to quote that somewhere.” Zestig Fischer-momenten van een jonge schaker die hem niet zelf
heeft meegemaakt, historisch niet interessant maar best grappig.
Greatest knight
Heeft Gary Kasparov nog tijd voor
zijn column in New in Chess? Jawel hoor. In 2004
schreef hij deel 4 van de serie ‘My great predecessors’, dat voor
meer dan de helft over Fischer gaat. Door die klus
is Kasparov hem meer gaan waarderen. Net als Timman laat Kasparov in zijn
column een paar partijen zien die niet tot de alom bekende ‘superpartijen’
behoren, dat is eigenlijk wel iets heel leuks in dit tijdschrift. Over de
match Fischer-Karpov die er nooit kwam, schreef Kasparov in zijn boek dat Karpov
veel meer kansen zou hebben gehad dan hem destijds werden toegedicht.
Daarover licht hij nu toe, dat Fischer weliswaar
favoriet was, maar dat hij toch wel met verbijstering moet hebben toegezien
hoe Karpov in de halve finale Spassky
verpulverde. Fischer heeft voor een enorme popularisering van het schaken
gezorgd en daarom noemt Kasparov hem ‘Our greatest knight’. Daar moet ik dan wel om lachen. Het woord ‘king’ kan hij natuurlijk niet uit zijn pen krijgen, dat
woord vindt Kasparov uiteraard alleen passend voor
zichzelf. Er zijn heel veel mensen die hem daarin gelijk geven, ook op het
emotionele moment dat we afscheid nemen van Fischer.
Misschien de grootste schaker aller tijden, misschien niet, maar in elk geval
een legende. New in Chess heeft hem op gepaste
wijze herdacht. Corus
Zoals
gezegd is dit nummer van New in Chess ongeveer voor
de helft aan Fischer gewijd. De andere helft is
voor het grootste deel gewijd aan het Corus-toernooi,
met zoals altijd uitgebreide analyses van de spelers zelf. Nummer 2 van 2008
is een nummer waarvan New in Chess
ongetwijfeld een paar honderd extra heeft gedrukt. Johan Hut |