top
Feestweekend voor
ridder Stomphorst
Voor Jan Stomphorst was het een van de mooiste weekenden
van zijn leven. Vrijdagmiddag nam hij afscheid van de KNDB.
Dat is uiteraard niet de dambond, maar de bond voor drogisten, waarvan hij erelid is. Kortgeleden heeft hij na veertig
jaar zijn winkel in Hilversum verkocht. Stomphorst is niet zomaar een
drogist, hij heeft zich tientallen jaren op nationaal niveau ingezet voor de
belangen van drogisten en hun personeel. Om die reden werd hij vrijdag bij
zijn afscheid benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Daarbij
speelde mee dat hij ook al 35 jaar bestuurlijk actief is in de schaakwereld.
Bij HSG, waarvan hij erelid is, is hij nu twintig
jaar teamleider van het eerste team. Daarvoor was hij o.a. extern wedstrijdleider.
Zijn bemoeienis met het team gaat ver, Stomphorst wil voortdurend weten hoe
het met zijn (nu vooral jonge) spelers gaat, niet alleen met hun
schaakvorderingen, maar bijvoorbeeld ook met hun studie of werk. Het is niet
overdreven om hem een vaderfiguur te noemen.
Vriendenteam
Vrijdagmiddag kreeg hij
zijn koninklijke onderscheiding, een dag later werd zijn HSG kampioen van
Nederland. Het was zijn twintigste poging, na dertien tweede, vijf derde en
een vierde plaats. Aanvankelijk zat Rotterdam hem dwars, later jarenlang De
Variant en vorig seizoen Groningen. De manier waarop het dit seizoen
gebeurde, was indrukwekkend. De 10-0 tegen LSG 2 was mooi, maar vooral van
statistisch belang. De 8,5-1,5 tegen Homburg Apeldoorn was indrukwekkend, tot
nu toe had Apeldoorn in alle wedstrijden minstens vier bordpunten gehaald.
HSG heerst zoals Rotterdam en De Variant heersten. Jan Stomphorst is er trots
op dat dat gebeurt met Nederlanders en met
buitenlanders die in Nederland wonen, alleen aangevuld met de Belg Vladimir Chuchelov, die meer
trainer dan speler is. Ook mag wel weer eens worden gezegd dat HSG dit
seizoen slechts veertien spelers opstelde en ook de afgelopen seizoenen niet
veel meer nodig had. Stomphorst gruwt van de term ‘vreemdelingenlegioen’ die
HSG vroeger vaak werd opgeplakt, het is juist een hecht vriendenteam dat
nauwelijks reservespelers nodig heeft.
Onderstaand verslag
schreef ik voor de Gooi- en Eemlander van maandag.
De lezer dient daarbij even te bedenken dat een verslag voor een regionaal
dagblad iets anders is dan een verslag voor een schaakblad.
HSG superieur naar eerste landstitel
Met een
enorme dreun heeft HSG zaterdag de langverwachte landstitel binnengehaald. In
en tegen Apeldoorn was een gelijkspel genoeg, maar de Hilversumse
schakers verpletterden hun tegenstanders met 1,5-8,5. De laatste ronde is nu
nog slechts een formaliteit. HSG zag de voorsprong op de achtervolgers
oplopen tot vier matchpunten en twaalf bordpunten.
Teamleider
Jan Stomphorst was vol vertrouwen aan de wedstrijd begonnen. Hij vond het
niet nodig om Seirawan, Nikolic
of Chuchelov op te roepen, maar wilde deze
feestelijke wedstrijd spelen met de mannen die er de afgelopen jaren het
meest bij waren. Stralend liep hij rond, in zijn mooiste pak gestoken, maar
dat was omdat hij de dag ervoor was benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje
Nassau. Zo’n lintje mag je niet op vrijetijdskleding
dragen.
(HSG speelzaal, gemeentehuis Hilversum)
Na drie
uur spelen leek er nog sprake van enige spanning. Ruud Janssen had zijn
partij gewonnen, Henk Vedder en Jan Smeets hadden remise gespeeld. Tezamen
bespraken ze de andere zeven partijen: de ene stond wat beter, de ander wat
slechter, maar dat benodigde gelijkspel, nou ja, dat zou er wel komen. In het
vierde uur, het uur voor de eerste tijdcontrole die altijd spannende
tijdnoodtaferelen oplevert, gaf het kwaliteitsverschil zoals gewoonlijk de
doorslag en viel de ene na de andere speler van Apeldoorn om. Van Wely, Stellwagen, l’Ami, een voor een kwamen ze glimlachend de speelzaal
uitlopen, elk met een veelbetekenend knikje naar Stomphorst. Toen die
plotseling door iedereen werd gefeliciteerd met het beslissende vijfde
bordpunt, bleek er in werkelijkheid al een zeven op het scorebord te staan.
Alleen Wouter Spoelman had het moeilijk, maar toen ook hij met een laconiek
uitgesproken “gewonnen” kwam langslopen, kon Stomphorst zijn oren bijna niet
geloven. Iedere HSG’er had zijn uiterste best gedaan om het kampioensfeest
met een persoonlijke zege luister bij te zetten. Apeldoorn had dit seizoen in
elke wedstrijd minstens vier bordpunten gehaald, de uitslag van 1,5-8,5 was
een ongelofelijke dreun.
HSG
heeft lang op de landstitel gewacht, in de voorgaande negentien seizoenen
werd het team dertien keer tweede, vijf keer derde en een keer vierde.
Stomphorst, die al die jaren teamleider was, was er zaterdag niet emotioneel
onder. Blij wel, heel blij. Maar, wist hij, het zat er het hele jaar al in.
Johan Hut
Gooi- en Eemlander
31 maart 2008
|