TOP
Column

De dip en het elastiek

 

Het bedenken van het verschijnsel wordt alom aan Leon Pliester toegeschreven, dus dat zullen we maar zo houden. Nadat hij meester was geworden, kon hij opeens geen deuk meer in een pakje boter schoppen. De post-titeldepressie (PTD) was geboren, al weet ik niet zeker of Pliester dat zo noemde. De gedachte erachter was: ‘Ik ben meester geworden, wat nu?’

 

Diagnose

Nadat nog een paar meesters hetzelfde lot ondergingen, werd de PTD alom geaccepteerd, als een soort onvermijdelijk natuurverschijnsel. Als je in de winter in je blootje de zee in loopt, loop je kans op een longontsteking, als je IM wordt, loop je kans op een PTD.

Patiënt: “Dokter, wat is er met mij aan de hand?”

Dokter: “Bent u soms onlangs meester geworden?”

De meest absurde PTD heb ik geconstateerd bij Nico Vink. Hij werd namelijk niet eens meester, hij behaalde alleen maar een IM-norm, bij het Sonnevanck-toernooi in 1998. Daarna kreeg hij een zware terugslag. Ik sprak hem weer toen hij in 2000 Nederlands jeugdkampioen werd. Als verklaring voor zijn terugslag zei hij: “Ik had het gehaald, wat nu?” Het antwoord daarop vond ik toch echt niet zo moeilijk: tweede norm, derde norm en Elo naar 2400. Maar als je je doel behaald hebt, ga je je misschien afvragen of je daar nu gelukkig mee kunt worden. De meeste schakers besluiten uiteindelijk van wel. Nico Vink is, voor zover ik weet, gestopt met schaken.

Het onderwerp is weer actueel door het optreden van Karel van der Weide in Cappelle la Grande. Na jarenlang knokken voldeed hij in januari aan de laatste eisen om grootmeester te worden. Vervolgens speelde hij in Frankrijk ver onder zijn kunnen, een grootmeester onwaardig. Hij hoeft niet te vrezen, kan ik als schaakdokter geruststellend zeggen, PTD’s zijn vrijwel altijd tijdelijk.

 

Ratingval

IM Jan Werle

Een andere terugslag heeft niets te maken met het bereiken van een doel: de Elo-terugslag. Jan Werle steeg per 1 januari 2002, vlak voor zijn 18e verjaardag, van 2428 naar 2481, wat hem in de nationale top-20 bracht. Hij zakte helemaal terug naar 2393. Hij krabbelde weer op en is inmiddels met 2457 de nummer 19 van ons land.

Daniel Stellwagen

Daniel Stellwagen steeg per 1 juli 2002 van 2396 naar 2464, ook een plaats in de top-20. In drie maanden viel hij terug naar 2426. Inmiddels staat hij ruim boven de 2500.

Voor een deel zijn het dips die rekenkundig te verklaren zijn: als je een relatief lage rating hebt, heb je de mogelijkheid een grote sprong te maken. Met je nieuwe, hoge rating is de verwachte score veel hoger en daarmee ook de kans op ratingverlies. Ongetwijfeld speelde in de twee genoemde voorbeelden ook een psychologisch effect een rol. De jonge, veelgeprezen tieners pakten opeens 60 punten en denderden de top-20 binnen. Stellwagen zegt dat hij niet gevoelig is voor dit soort gedachten, maar ik blijf zoeken naar de oorzaak van dit verschijnsel dat vaak voorkomt. GM Jan Smeets Het onafscheidelijke duo Smeets/L’Ami kreeg c.q. krijgt het pas voorbij de 2500. Jan Smeets bleef maar stijgen, om van 2545 (per 1 juli 2004) opeens in een half jaar terug te vallen naar 2475. IM Erwin l 'Ami Inmiddels staat hij virtueel weer boven de 2500. Erwin l’Ami (2531) had nog nooit een terugval gehad, totdat hij vorige week het Aeroflot-toernooi in Moskou afsloot met 1 uit 8. Hij was er de laagste ratinghouder, maar dat zal hij niet als troost ervaren.

 

Elastiek

IGM Friso Nijboer

Wie voortdurend dips heeft, is Friso Nijboer. In Leeuwarden (NK) en Wijk aan Zee lijkt hij zich de laatste jaren niet gelukkig te voelen. Maar Nijboer is de man van elastiek, vanuit het diepste dal springt hij met groot gemak weer naar ultieme hoogten. Wat hij in 2004 presteerde was ongelofelijk en voor Schakers.Info (op advies van een deskundige jury) voldoende om hem tot Schaker van het jaar te benoemen. En warempel, vorige week presteerde hij het weer.

Even op een rijtje.


-          December 2003, Nijboer wint met 7 uit 9 ongedeeld het Harmonie-toernooi in Groningen.

-          Januari 2004, Nijboer blijft in het Corus-toernooi (B-groep) steken op 5 uit 13, ruim 100 punten onder zij Elo-rating.

-          Juli 2004, Nijboer scoort bij het Nederlands kampioenschap slechts vier halfjes.

-          Augustus 2004, Nijboer behaalt het grootste succes uit zijn carričre. Met 7 uit 9 wint hij het Amsterdam Chess Tournament voor Van Wely, Sokolov, Timman, Nikolic, Tregubov en Krasenkov.

-          September 2004, Nijboer wint een zomertoernooi in Italië.

-          December 2004, Nijboer wint met 6 uit 9 opnieuw het Harmonie-toernooi, nu samen met drie anderen.

-          Januari 2005, opnieuw zakt Nijboer in Wijk aan Zee door het ijs: 4,5 uit 13.

-          Februari 2005, Nijboer wint met 7 uit 9 een tienkamp in Nancy, samen met Istratescu en Bauer, voor Miladinovic, drie 2600-plussers.

 

Terugslaan

Toen Nijboer in januari tot Schaker van het jaar werd verkozen, verschenen er hier en daar wat smalende reacties. Hij werd gehuldigd in Wijk aan Zee, bij het toernooi waar hij in de B-groep onderaan bungelde. Maar Nijboer haalt zijn schouders op als hij wordt uitgelachen en slaat een maand later keihard terug. Het zou me verbazen als hij volgend jaar niet opnieuw wordt genomineerd. De tieners Stellwagen, L’Ami en Smeets bedreigen Nijboer (die dit jaar 40 wordt) op de Nederlandse ranglijst en de man van elastiek zal ongetwijfeld weer klappen krijgen, maar zal ook weer genadeloos terugslaan.

 

Johan Hut.