|
Een wildcard hoeft niet wild te zijn Rond
het Nederlands kampioenschap is er altijd iets aan de hand. Als de spelers
niet klagen over startgelden of deelnemeraantal, ligt de gemeenteraad van
Hilversum wel dwars. Dat laatste is trouwens opgelost, het NK wordt volgend
jaar in de mediastad gespeeld, waar politicus Jan Nagel (zelf speler van HSG
3) ruim voldoende sponsorgeld bijeen heeft gekregen. Maar vlak nadat dat
goede nieuws bekend werd, ontstond er alweer nieuwe commotie: de wildcard. Vrije plek
De vrije
plaats (wildcard) voor het NK Vrouwen 2005 is toegewezen aan Laura Bensdorp. Eigenlijk had het NKV helemaal geen wildcard,
maar sinds dit jaar is de plaats die in Dieren (Open kampioenschap) te
Gepasseerd
Bij zo’n subjectieve keus is het onvermijdelijk dat anderen
zich gepasseerd voelen. Op basis van FIDE-ratings
was er niet veel aan de hand, maar met haar KNSB-rating
van 1954 bleef Laura Bensdorp een eind achter op
bijvoorbeeld Linda Jap Tjoen
San (2155), Mariska de Mie (2129) en Maartje de Jonge (2112). En juist van de KNSB mag je toch
verwachten dat die de KNSB-ratings belangrijk
vindt. Van de drie gepasseerden had De Jonge de
meeste reden tot klagen, omdat zij aan de Halve Finale had deelgenomen en als
laatste was uitgeschakeld. Dat geklaag kwam er dan ook, niet van haarzelf, maar van clubgenoten die het op het forum van UtrechtSchaak voor haar opnamen. Een woordvoerder van de
KNSB is hier heel kort over: “Je hoeft niet over ratings te praten, want voor
een wildcard is rating geen criterium.” Inderdaad, daarmee is de discussie
gesloten.
De
suggestie dat de keus ook te maken heeft met bekendheid, goede contacten en
netwerken is niet helemaal onzinnig. Linda Jap Tjoen San en Mariska de Mie
hebben een paar keer niet aan de Halve Finale meegedaan. Als zij dan opnieuw
ambitie krijgen om op hoog niveau te spelen, is het
minste wat je kunt doen dit aan Jeroen Bosch en/of Sytze Faber te laten weten. Zij
gaan niet iedere keer opnieuw de lijst van inactieve speelsters afbellen. Maartje de Jonge mag als HF-deelneemster
met recht zeggen dat haar ambitie bij de KNSB bekend is. Het drama-Fritz
In het
verleden zijn er omstreden wildcards geweest. De beruchtste is die voor het
computerprogramma Fritz, dat werd uitgenodigd voor
het NK 2000. Onder aanvoering van Oscar Lemmers en Piet Peelen
kwam bijna heel schakend Nederland in verzet. Van de elf menselijke
deelnemers aan dat NK protesteerde alleen Paul van der Sterren, de anderen
incasseerden tevreden hun extra geld. Onder hen Manuel
Bosboom, die zijn partij tegen Fritz na een paar
zetten opgaf. Hij werd door de bezwaarden toegejuicht als een held maar kreeg
vervolgens als extra prijzengeld wel 6.000 gulden op zijn bankrekening
bijgeschreven, die hij zonder deelname van Fritz
niet zou hebben gekregen. “Als er behalve Van der Sterren nog een deelnemer
tegen deelname van Fritz is, doet Fritz niet mee”, had de KNSB duidelijk gezegd. Bosboom
had de deelname van Fritz dus kunnen voorkomen.
Maar Bosboom zweeg, want de schoorsteen moet ook roken. (Als Van
der Sterren hetzelfde had gedaan als Bosboom, had hij 16.750 gulden
geďncasseerd. Door van tevoren ‘tegen’ te zeggen, kwam hij uit op 8.000
gulden. Zo duur is een principe.) Omstreden of niet?
Een jaar
daarvoor was Zhaoqin Peng
uitgenodigd voor het NK in Rotterdam. Zij woonde in die stad en was bovendien
de eerste vrouw die voor het NK werd uitgenodigd. Het volk morde, maar keek
daarbij niet naar de feiten. Peng stond op dat
moment op plaats twintig van de Nederlandse ranglijst. Slechts vijf spelers
(met weinig ratingpunten meer) werden gepasseerd, als dat al niet mag, mag je
dus gewoon geen wildcard uitdelen. In 2003
kreeg Daniel Stellwagen
de wildcard voor het NK, omdat hij in januari een
sensationele tweede plaats had behaald in de B-groep
van het Corus-toernooi. Hij passeerde daarmee Erik
van den Doel, een erkend sterkere speler. Dat was een heel duidelijk
voorbeeld van een wildcard die gebaseerd is op prestatie in plaats van
rating. Onomstreden
wildcards zijn er ook. Ivan Sokolov
in 2004 en Jan Timman dit jaar, daar hoeven we geen
woorden aan vuil te maken. Een van
de meest dwaze wildcards is menigeen alweer vergeten. Voor het FIDE-WK in 1997 in Groningen waren Piket, Van Wely, Van der Sterren, Nijboer
en Van der Wiel geplaatst. Als organiserend land mocht Nederland een wildcard
toekennen. Of de KNSB verantwoordelijk was of de Zwanepol-organisatie
weet ik niet (waarschijnlijk een combinatie), maar de plek ging naar Erik Hoeksema, vanwege zijn grote verdiensten voor het schaken
in het noorden van ons land. Hij verloor met 1,5-0,5 van Nenashev
en pakte na twee dagen de trein terug naar Baflo,
met 5400 dollar op zak. Doel op zich?
Moet de
wildcard bij het NK blijven bestaan? Of misschien bij de mannen wel en bij de
vrouwen niet? Mijn conclusie is kort en bondig. De wildcard maakt het
mogelijk de formeel niet geplaatste Timman of Sokolov binnen te halen en moet daarom blijven bestaan.
Voor het uitnodigen van een tiener die plotseling uit zijn slof geschoten is,
is het ook een acceptabel instrument. Roepen de KNSB-bestuurders binnen een minuut niet spontaan een
naam, pak dan gewoon de ratinglijst. Het loslaten van ratings moet geen doel
op zich zijn. Johan Hut. |