|
Gekke zet wordt niet beloond
In april
won Jan Timman in Malmö en Kopenhagen een sterk bezette tienkamp, samen met
de jonge Indiër Krishnan Sasikiran. Een opvallende deelnemer was de
achttienjarige Amerikaan Hikaru Nakamura, die net als Sasikiran snel stijgt
op de wereldranglijst. Nakamura spreidde een enorm plezier in zijn partijen
tentoon. Tegen Timman mocht hij zijn handen dichtknijpen met remise, maar
sloeg dat vredesvoorstel toch af omdat hij de partij graag op een grappige
manier remise wilde maken. Tegen Sasikiran speelde Nakamura tot ieders
verbijstering 1.e4 e5 2.Dh5, de zet waarmee kleine kinderen op het herdersmat
hopen. Serieuze zwartspelers denken dan voordeel te kunnen halen, omdat de
zwarte stukken zich met tempowinst kunnen ontwikkelen. Maar na 2...Pc6 3.Lc4
g6 4.Df3 Pf6 5.Pe2 Lg7 6.Pbc3 d6 7.d3 Lg4 8.Dg3 Dd7 9.f3 had zwart niet van
wits vroege dameuitval geprofiteerd. De partij ging lang gelijk op, wat
Nakamura niet zinde. Hij offerde zonder veel compensatie een pion en verloor
in 87 zetten. Je vraagt je bijna af of hij een bloedeloze remise erger zou
hebben gevonden. Nieuwtje van meisje
In het
kwartaalboek van de Nederlandse uitgeverij New in Chess (dat gek genoeg
jaarboek heet) ging Genna Sosonko voor een deel serieus op de dame-uitval in,
maar veroorloofde zich een luchtige afsluiting. Hij vertelde dat in Rusland
in het meisjeskampioenschap tot acht jaar ene Dina Bazhenova een
privé-variant had bedacht: 1.e4 c5 2.Dh5 Pf6 3.Dh4 Pc6 4.Le2, met als pointe
dat Pd4 met Ld1 kan worden beantwoord. Zou
Sosonko het als een uitdaging hebben bedoeld? Nakamura, van wie je je
intussen gaat afvragen of hij op schaakgebied zo gek als een deur is, vond
het idee van het Russische meisje wel een experiment waard. In september in
een toernooi in Lausanne tussen de sterkste jeugdspelers ter wereld werd hij
echter hardhandig gevloerd. Nakamura-Volokitin
1.e4 c5
2.Dh5 Pf6 3.Dh4 Pc6 4.Le2 Ja hoor,
het idee van Dina! 4...e5 5.d3 Le7 6.Dg3 d5 7.Pd2 0-0 8.c3 b5 9.Ph3 d4
10.c4 Pe8 11.cxb5 Het
nadeel van het vroeg uitbrengen van de witte dame blijkt heel mooi na 11.0-0
Lh4 12.Df3 Pf6 en wits dame wordt door Lg4 gevangen. Als zwart nu dezelfde
manoeuvre uithaalt, heeft wit bxc6 extra en krijgt drie stukken voor de dame. 11...Pb4 12.Ld1 Lh4 13.Df3 f5 Zie
Analyse
is verder niet zo zinvol. Wel moet je je afvragen: hoeveel bewegingsvrijheid
heeft wit, hoeveel zwart en waarom heeft wit daar na 13 zetten al zo’n
achterstand in. Zwart pakt het nu hardhandig aan. 14.a3
Pd6 15.axb4 fxe4 16.Dh5 Lxh3 17.g3 Df6 18.Lb3+ Kh8 19.f3 exf3 20.Kf2 Lg5
21.Pxf3 g6 22.Lxg5 Df5 23.Dxh3 Dxf3+ Wit
geeft het op. Romantici
zullen de nederlaag van Nakamura jammer vinden. Didactici zullen er tevreden
mee zijn. Gari Kasparov merkte in zijn column in het magazine van New in
Chess meesmuilend op dat Dh5 typisch een zet is voor iemand die zijn tijd
verspilt met vluggertjes op internet en dat het vooral niet de Nakamura-zet
genoemd moest worden, want dat Boris Becker (!) de zet al een keer tegen hem
had gespeeld tijdens een demonstratiepartij. Op
wereldniveau is het verhaal hiermee voorlopig afgelopen. In de
KNSB-competitie vond vorige week zaterdag onderstaande partij plaats tussen
Erik Nicolai (Stukkenjagers, Tilburg) en Jop Delemarre (HSG, Hilversum). Nicolai-Delemarre
1.e4 e6 2.d4 d5 3.e5 c5 4.Dh5 Een
kleine afwijking van de ‘bestaande’ variant 4.Dg4 cxd4 5.Pf3 Pc6 6.Ld3,
waarin wit snel zijn stukken naar de koningsvleugel speelt onder opoffering
van zijn d-pion. Een belangrijke beslissing van Delemarre is om de pion
voorlopig te laten staan. 4...Pc6 5.Pf3 Db6 6.Ld3 Tja,
6.dxc5 Lxc5 is natuurlijk niet aanlokkelijk, maar wit had de pion misschien
maar beter ‘gewoon’ met c3 kunnen offeren. 6...c4 7.Le2
Pxd4 8.Pxd4 Dxd4 9.Pc3 En nu
nog Le3, maar daar krijgt hij geen tijd voor. 9...g6
10.Dg5 Lg7 11.f4 Ld7 12.h4 Pe7 13.h5 Pf5 14.h6 Lf8 15.Ld2 Le7 16.Dg4 Pe3
17.Lxe3 Dxe3 18.Df3 Db6
Zwart
heeft geen interesse in een eindspel met pluspion, want hij ziet dat de witte
dame ongelukkig blijft staan. 19.0-0-0 Lc6 20.g4 d4 21.Pe4 c3 22.b3 Db4
23.Tdf1 d3 24.Lxd3 0-0-0 De
beslissing. Wit kan bijna geen vin meer verroeren. 25.Te1 Td4 26.Te3 Txd3 27.cxd3
Da3+ 28.Kd1 Db2 29.Df2 Lxe4 Wit
geeft het op. Jop
Delemarre, die na het recent afronden van zijn studie theologie zijn brood
verdient als schaaktrainer, heeft weer illustratief materiaal voor de goede
raad: “Dh5,
doe maar niet.” Johan Hut Deze column stond op 3 december 2005 eveneens
in de Gooi- en Eemlander, Noordhollands Dagblad, Haarlems
Dagblad/IJmuider Courant en Leidsch Dagblad. |